Van de drank

Het is vrijdag en dus gaat heel hardwerkend Nederland vanmiddag aan de verdiende of hard nodige vrijdagmiddagborrel. Ik bespreek daarom vandaag het naamloze gedicht ‘Van de drank …’ van Sylvia Hubers, uit haar bij Nadorst verschenen bundel Drinkgedichten, wat ik een subliem gedicht vind. Wat is het geheim?

Het gedicht gaat als volgt:

Van de drank

leerde ik liefde

Van mijn moeder

leerde ik lopen

Op school

leerde ik nietsen

Van het nietsen

leerde ik zijn

Sylvia Hubers, zonder titel, Drinkgedichten, uitgeverij Nadorst, Rotterdam 2010. Met toestemming overgenomen van de website van de auteur.

In slechts 23 woorden in acht regels vrije verzen zet Hubers hier neer waar een beetje Bildungsroman een paar honderd bladzijden voor nodig heeft. Het is het plotschema van een Bildungsroman en wel zo abstract dat alleen al in Nederland honderdduizenden zich erin zouden kunnen herkennen en meer dan één plank moderne literatuur erdoor wordt samengevat. Om dit effect te bewerkstelligen gebruikt Hubers minimale middelen: vier herhalingen van het verledentijdswoord ‘leerde’ en de flashback na de tweede regel. De bij de jeugd horende woorden ‘moeder’ en ‘school’ dragen er ook toe bij. De zeer korte lengte is een omkering van de lange lengte van een roman.

Sylvia Hubers schrijft vooral vrije verzen, maar zijn dit wel vrije verzen? Wanneer we het hergroeperen in vier regels en de extra witregels weglaten, krijgen we het volgende kwatrijn:

Van de drank leerde ik liefde
Van mijn moeder leerde ik lopen
Op school leerde ik nietsen
Van het nietsen leerde ik zijn

Wanneer je dit op de middelbare school zou analyseren als trocheïsche tetrameter zou je neem ik aan een voldoende krijgen, juist daarom geeft de jambe op school een contrasteffect. Het zijn dus eerder blanke dan vrije verzen. Een goede test hiervoor is dat je je er heel eenvoudig een melodie bij kunt voorstellen. Bespeel je denkbeeldige accordeon en de melodielijn komt vanzelf. Waarschijnlijk kun je er ook zo een stuk of twintig coupletten bij improviseren.

Klankeffecten

De benadrukte woorden drank, leerde, liefde, moeder, lopen, school, nietsen en zijn hebben allemaal een lange eerste lettergreep. Dit versterkt het liedjesgevoel nog meer. De regels hebben geen eindrijm, maar de woorden liefde en nietsen delen dezelfde klinkers en er is dus sprake van assonerend eindrijm. Boven de regels zweeft het weggelaten eindrijm fietsen, eveneens een typisch onderdeel van de opvoeding. Nadere klankeffecten zijn de alliteratie leerde-lopen, de assonantie lopen-school en de herhaling van nietsen.

Inhoud

De boodschap in het gedicht is van een spreekwoordachtige eenvoud en stelligheid: de belangrijke dingen des levens leer je van je moeder en door de door drank overwonnen schroom. De waarde van de schooltijd wordt met een mooie overdrijving gereduceerd tot één lange les in het gelaten doorstaan van het verloop van de tijd. De woorden nietsen en zijn doen mij ook denken aan Nietzsche en Heidegger, denker van ‘het zijn’.

Conclusie

Het gedicht doorstaat de Gerbrandy-test; bij herlezen blijft het sterk door zijn monumentale eenvoud. Hubers was jarenlang stadsdichter van Haarlem. Het zou mooi zijn als dit gedicht ergens als muurgedicht zou prijken.